Wanneer zijn we elkaar gewoon gaan vinden?

Er was een tijd waarin je elkaar nog niet kende en juist daarom zoveel van elkaar wilde weten. Je wilde weten hoe de ander rook, hoe een kus zou voelen, wat er zou gebeuren wanneer je dichterbij kwam en wat er achter die ene blik zat die net iets langer bleef hangen dan nodig was. Een aanraking hoefde nergens naartoe om toch iets wakker te maken en een berichtje van de ander kon zomaar genoeg zijn om je dag een andere lading te geven. Er was nog zoveel onbekend en juist dat onbekende maakte elkaar interessant.

In het begin van een relatie lijkt verlangen bijna vanzelf te ontstaan. Je zoekt elkaar op zonder daar bewust over na te denken, maakt tijd omdat je graag samen wilt zijn en raakt elkaar aan omdat je lichaam soms al eerder lijkt te weten wat je hoofd nog aan het ontdekken is. Je bent nieuwsgierig naar de ander, maar ook naar jezelf in het bijzijn van die ander. Wat gebeurt er tussen ons wanneer we dichter bij elkaar komen? Waar ligt de grens tussen spanning en verlangen, tussen kijken en aangeraakt worden, tussen wat je al weet en wat je nog niet hebt ontdekt?

Ergens onderweg verandert dat.

Niet op één duidelijk moment en meestal ook niet omdat er iets misgaat. Het leven wordt voller, de relatie vertrouwder en de persoon die ooit nog zoveel vragen opriep, wordt degene met wie je iedere ochtend wakker wordt. Je kent elkaars gewoontes, weet welke koffie de ander drinkt, herkent aan een stilte hoe de dag is geweest en kunt soms al voorspellen wat de ander gaat zeggen voordat de zin uitgesproken is. Er ontstaat iets kostbaars tussen twee mensen. Het gevoel van thuiskomen.

Juist daar zit ook een kleine paradox. Hoe beter we iemand leren kennen, hoe minder vaak we onszelf nog toestaan om nieuwsgierig te zijn naar die persoon.

We weten immers al wie hij of zij is.
Of denken we dat alleen maar?

Wanneer vertrouwdheid vanzelfsprekend wordt

Vertrouwdheid is niet hetzelfde als verveling en verlangen hoeft ook niet te verdwijnen omdat een relatie langer duurt. Toch kunnen de twee ongemerkt in elkaar overlopen. Wat ooit spannend was omdat je nog niet wist wat de ander prettig vond, voelt na jaren vanzelfsprekend omdat je denkt dat je het antwoord inmiddels kent. Je weet hoe de ander graag wordt aangeraakt, hoe een avond samen meestal verloopt en welke woorden waarschijnlijk zullen vallen wanneer jullie eindelijk in bed liggen.

Dat geeft veiligheid, maar het haalt ook een stukje onzekerheid weg. Juist die onzekerheid kan in het begin onderdeel zijn geweest van wat verlangen zo levendig maakte.

Dat is wel een van de vreemde kanten van langdurige liefde. We bouwen jarenlang aan het kennen van elkaar en kunnen vervolgens vergeten dat iemand nooit helemaal af is. Mensen veranderen, verlangens veranderen, ervaringen veranderen en soms verandert ook de manier waarop iemand aangeraakt, gezien of begeerd wil worden. Toch blijven we elkaar gemakkelijk bekijken door het beeld dat we in de loop van de jaren van elkaar hebben opgebouwd.

Je weet wie de ander was, maar weet je ook nog wie de ander aan het worden is?

Dat is geen vraag die je iedere week aan de keukentafel hoeft te stellen. Het is eerder een uitnodiging om af en toe weer even te kijken, zonder ervan uit te gaan dat je het antwoord al kent.

We zijn niet gestopt met verlangen, maar met zoeken

Wanneer de intensiteit van het begin minder wordt, vertellen we elkaar vaak dat dit nu eenmaal bij een lange relatie hoort. De verliefdheid maakt plaats voor liefde, de vlinders verdwijnen en de vanzelfsprekende behoefte om elkaar voortdurend aan te raken wordt rustiger. Daar zit veel waarheid in. Een langdurige relatie is niet bedoeld om iedere dag hetzelfde gevoel te hebben als in de eerste maanden.

Toch is het interessant om te kijken naar wat we met die gedachte doen.

Wanneer we zeggen dat iets er nu eenmaal bij hoort, kan dat ook betekenen dat we stoppen met onderzoeken wat er nog mogelijk is. We accepteren dat er minder wordt aangeraakt, minder wordt gevraagd en minder wordt uitgesproken, terwijl we helemaal niet ongelukkig zijn. We houden van elkaar, zorgen voor elkaar, delen een leven en hebben een vertrouwd ritme gevonden. Er is geen duidelijke reden om te zeggen dat er iets ontbreekt.

Toch kan er ergens een klein verlangen blijven liggen.

Niet noodzakelijk naar méér seks, maar naar het gevoel dat je elkaar nog kunt verrassen. Naar een blik die je even uit je dagelijkse ritme haalt. Het idee dat er nog kanten van de ander zijn die je niet kent en dat je zelf misschien ook dingen voelt of verlangt waar je nog geen woorden voor hebt gevonden.

We hoeven niet terug naar het begin

Wanneer mensen zeggen dat ze de passie van vroeger missen, klinkt daar soms een verlangen naar het verleden in mee. Naar de avonden waarop je niet kon wachten om elkaar te zien, naar de spanning van een eerste aanraking en naar het gevoel dat iedere ontmoeting nog iets nieuws bracht.

Alleen teruggaan kan niet.

Jullie zijn niet meer dezelfde mensen als toen en juist dat maakt een lange relatie interessant. Er is inmiddels een geschiedenis, er zijn ervaringen die jullie samen hebben opgedaan en er zijn verantwoordelijkheden bijgekomen die er vroeger helemaal niet waren. Jullie hebben elkaar zien veranderen en zijn zelf ook veranderd.

De vraag hoeft daarom niet te zijn hoe je het gevoel van vroeger terugkrijgt.

Wie zijn jullie nu geworden?

Wat houdt je tegenwoordig bezig? Waar verlang je naar? Wat is er in de afgelopen jaren in jou veranderd waar de ander misschien nog helemaal geen weet van heeft? Wanneer voel jij je werkelijk gezien en wanneer voel jij je begeerd? Zijn er dingen waar je nieuwsgierig naar bent geworden die je nooit hebt uitgesproken omdat er nooit een natuurlijk moment voor leek te zijn?

Dat soort vragen gaan niet alleen over seks. Ze gaan over de ruimte die twee mensen elkaar geven om te blijven veranderen.

Elkaar opnieuw leren kennen

Meer intimiteit in een relatie begint daarom niet met een romantisch weekend of een poging om de spanning van vroeger terug te halen, maar met iets veel eenvoudigers. Opnieuw belangstelling krijgen voor degene die al die tijd naast je zit.

We vragen elkaar dagelijks hoe de dag was, maar hoe vaak vragen we nog waar iemand op dit moment naar verlangt? Weten wat iemand graag eet en welke serie hij of zij wil kijken, maar weten we ook nog waar de ander nieuwsgierig naar is geworden? Kennen elkaars lichaam, maar staan we er nog bij stil dat ook een lichaam verandert en dat aanraking na jaren iets anders kan betekenen dan aan het begin?

Soms kan een gesprek daar al iets in veranderen. Niet het zware gesprek waarin een relatie ineens onder de loep moet worden genomen, maar een gesprek waarin je elkaar weer even als twee nieuwsgierige mensen tegenover elkaar ziet.

Je zou kunnen vragen wanneer de ander zich het meest dichtbij jou voelt, wat er de laatste jaren in hem of haar veranderd is. Waar op dit moment nieuwsgierigheid naar bestaat of wat er misschien al een tijdje wordt gemist zonder dat daar ooit echt woorden aan zijn gegeven.

Misschien levert zo’n vraag niets spectaculairs op. Maar ontstaat er juist een gesprek dat je al jaren niet meer hebt gehad. Misschien ontdek je iets wat je niet had verwacht, juist omdat je ervan uitging dat je elkaar inmiddels wel kende.

Verlangen heeft ruimte nodig

We maken verlangen soms ingewikkelder dan het hoeft te zijn. Denken aan spanning, verleiding en nieuwe ervaringen, terwijl verlangen ook op heel andere plekken kan beginnen dan in de slaapkamer. Bij een aanraking die niet automatisch ergens naartoe hoeft. Elkaar langer aankijken. Tijd maken waarin er even geen praktische reden is om samen te zijn. Bij het opnieuw ontdekken wat de ander prettig vindt, zonder ervan uit te gaan dat het antwoord hetzelfde is als vijf of tien jaar geleden.

Het gaat niet om terugkeren naar wie jullie ooit waren. Het gaat om ruimte maken voor wie jullie inmiddels zijn.

Dat is ook waarom nieuwsgierigheid zo belangrijk is binnen intimiteit. Wanneer je denkt dat je iemand volledig kent, valt er weinig meer te ontdekken. Wanneer je jezelf toestaat om opnieuw vragen te stellen, ontstaat er ruimte voor iets wat je niet kunt plannen. Misschien begint het met een gesprek dat anders loopt dan verwacht, een aanraking die langer blijft hangen of een blik waarin je ineens weer iets van elkaar herkent.

We hoeven elkaar helemaal niet opnieuw te leren kennen. We mogen alleen weer even vergeten dat we elkaar al kennen.

Wie zegt dat iemand die al jaren naast je ligt, niet opnieuw iets in je wakker kan maken?

Vergelijkbare berichten

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *